Volver a la vista general

Revisión intermedia Política de emancipación de gays y lesbianas

De voortgangsrapportage is een vervolg op de nota ‘Paars over Roze’ (2001) van het vorige kabinet en laat zien hoe het in de praktijk staat met de voortgang van het beleid dat daarin genoemd wordt. Staatssecretaris Ross van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) presenteert in een rapport van meer dan dertig bladzijden een overzicht van de behaalde resultaten, geeft aan waar er nog problemen en knelpunten zijn, beschrijft de ambities van het kabinet Balkenende 2 en geeft aan wat haar coördinerende taak in het homo/lesbisch emancipatiebeleid verder is.

COC Nederland bereidt een reactie op deze voortgangsrapportage voor die aan het kabinet en aan de leden van de Vaste Kamercommissie van VWS aangeboden zal worden. Voorafgaande daaraan zal al deze week een algemene visie op de voortgang en de prioriteiten voor de komende jaren toegestuurd worden.

De hoofdlijn van de voortgangsrapportage van dit kabinet wordt door staatssecretaris Ross weergegeven in een begeleidende brief aan de Tweede Kamer.
Hieronder daarvan een samenvatting.

Emancipatie in algemene zin succesvol

Nederland zit qua wettelijke bescherming en gelijkberechtiging in Europa in de kopgroep, maar dat is volgens dit kabinet geen enkele reden voor zelfgenoegzaamheid. Nederland dient in Europa een voortrekkersrol te blijven vervullen als het gaat om het bevorderen van gelijke behandeling en non-discriminatie van homoseksuele mannen, lesbische vrouwen en biseksuelen.

Juridische maatregelen, zoals de Algemene Wet Gelijke Behandeling en de openstelling van het burgerlijk huwelijk voor partners van gelijk geslacht, hebben bijgedragen aan de koppositie van Nederland, maar dit resultaat was enkel mogelijk doordat steeds meer homoseksuele mannen, lesbische vrouwen en biseksuelen zichtbaar voor hun seksuele voorkeur uitkomen en hun wensen kenbaar durven te maken. Zij nemen duidelijk zichtbaar en actief deel aan de samenleving. Organisaties zoals het COC hebben daar de afgelopen decennia actief aan bijgedragen. Homoseksualiteit is daardoor geen taboe meer, maar mensen moeten het vervolgens wel zelf waarmaken. Maar de acceptatie is zeker niet algemeen. Zo zijn er bijvoorbeeld negatieve tendensen in het onderwijs.

Sociale acceptatie hapert

Ondanks alle inspanningen, beleid en projecten op tal van ministeries, hapert de sociale acceptatie van homo- en biseksuelen. Tal van onderzoek geeft daarover serieuze signalen. Nog niet iedere homo- of biseksueel kan vrijuit deelnemen aan de samenleving en de overheid dient daarom in haar beleid de vinger aan de pols te houden. Volgens het Hoofdlijnenakkoord van dit kabinet zijn ‘respect, tolerantie en het bestrijden van discriminatie essentieel om de samenhang in de samenleving te behouden’. Daar waar de samenleving als steeds onpersoonlijker en onveiliger wordt ervaren, kan dit leiden tot spanningen, onveiligheidsgevoelens en uitsluiting. Ook onder de circa 1 miljoen homoseksuele, lesbische en biseksuele burgers in ons land. Problemen en knelpunten worden gesignaleerd op de terreinen van (preventieve) gezondheidszorg, integratie en de spanning tussen grondrechten, scholen en veiligheid in de buurt. Waakzaamheid en doelgericht beleid zijn daarom geboden.

Meedoen en kunnen meedoen vraagt extra inzet

Meedoen is een belangrijk motto in het Hoofdlijnenakkoord van dit kabinet. Vergroten van de eigen verantwoordelijkheid van de burger, bevorderen van een actief burgerschap en versterken van de sociale cohesie zijn belangrijke uitgangspunten van het regeringsbeleid. Dat geldt ook voor het te voeren homo/lesbisch emancipatiebeleid.

Dat vraagt om het stimuleren en tijdelijk ondersteunen van m.n. kwetsbaren die hun positie in de samenleving willen verbeteren en dat nog niet op eigen kracht kunnen doen. Extra impulsen zullen gegeven worden aan het versterken van de positie en het bevorderen van de integratie van homoseksuelen en biseksuelen met een andere levensbeschouwing of culturele achtergrond, op lokaal niveau, zodat deze (kunnen) meekomen en meedoen. Voorwaarde is wel dat de verschillende organisaties met elkaar samenwerken en gebruik maken van de resultaten van het project De Dialoog (samenwerkingsverband van COC Nederland, Humanistisch Verbond, Stichting Yoesuf en Stichting Islam & Burgerschap). De initiatieven moeten zich richten op het doorbreken van het maatschappelijke isolement, versterking van de positie van homo’s en biseksuelen en de rol van de maatschappelijke organisaties daarbij. Voor dit beleid stelt het kabinet € 400.000 beschikbaar.

Lokaal beleid

Bij gemeenten zijn er nog vooral knelpunten als het gaat om welzijn, zorg en onderwijs. Besturen, instellingen, lokale voorzieningen en ook groepen van burgers dienen gestimuleerd te worden om hun verantwoordelijkheid te nemen deze knelpunten op te lossen. Bestaande kennis dient verder toegankelijk gemaakt en doorgegeven te worden om daarmee verankerd te worden in het reguliere beleid. Voor het stimuleren van lokaal homo-emancipatiebeleid wordt een extra bedrag van maximaal € 400.000 beschikbaar gesteld.

Interdepartementale coördinatie

De aandacht voor homo-emancipatiebeleid, is volgens de staatssecretaris, verankerd in het beleid van de diverse betrokken departementen. Als coördinerend bewindspersoon homo/lesbisch emancipatiebeleid gaat zij zich nu toeleggen op het signaleren van ontwikkelingen op hoofdlijnen, het stimuleren om knelpunten op te lossen, het bevorderen van samenhang zowel in beleid als in de praktijk en het periodiek rapporteren over het totale beleid.

Voortgangsrapportage

De voorgangsrapportage zelf is een nota van ruim dertig pagina’s Daarin geeft het kabinet een uitvoerige schets van het homo/lesbische emanciptiebeleid en de aanpak van homodiscriminatie in de afgelopen drie jaar.
Aan de orde komen:
– actuele thema’s en ontwikkelingen, zoals de pluriforme samenleving, veiligheid op school, spanning tussen grondrechten, Europese eenwording en het nieuwe subsidiebeleid van VWS;
– wet- en regelgeving, waaronder het debat over de grondrechten, familierecht, adoptie en gezamenlijk gezag van rechtswege;
– volksgezondheid, welzijn, maatschappelijke zorg en sport, waaronder het Dialoog-project, jeugdbeleid, voorzieningen homoseksuele ouderen, onderzoek kinderen met ouders van gelijk geslacht en het houden van een grootschalig bevolkingsonderzoek;
– internationaal homo- en diversiteitsbeleid, waaronder het Europees vrij verkeer van personen, vluchtelingenbeleid, mensenrechtenbeleid, Nederlands EU-voorzitterschap en ontwikkelingssamenwerking
– onderwijs, met daarbij aandacht voor het veiligheidsbeleid en de rol van Onderwijsinspectie daarbij en het bevorderen van deskundigheid bij onderwijspersoneel;
– arbeid, met aandacht voor ongewenste omgangsvormen, gelijke behandeling, bevorderen verdraagzaamheid en onderzoek naar de ontwikkelingen op deze terreinen;
– politie en defensie;
– concentratie van kennis en documentatie, met daarin het voorstel om uit de gelden Rechtsherstel Homoseksuelen Tweede Wereldoorlog het Homo/Lesbisch Informatiecentrum en Archief (IHLIA) middelen in het vooruitzicht te stellen voor de toekomstige nieuwe huisvesting van het IHLIA.

De brief en de voortgangsrapportage van staatssecretaris Ross kunnen als pdf-bestand worden gedownload van de site van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport – www.minvws.nl – zie daarvoor de pagina ‘Kamerstukken’.