Terug naar overzicht

CBS: ongeveer 2,7 miljoen lhbtqia+ personen in Nederland

Er zijn ongeveer 2,7 miljoen lhbtqia+ personen in Nederland. Het grootste deel daarvan is bi+. Dat blijkt uit onderzoek dat het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) op Coming Out Dag (11 oktober) publiceerde.

Dat bi+ mensen de grootste groep zijn binnen de regenbooggemeenschap, is geen verrassing voor Sara Verlee van Bi+ Nederland, samenwerkingspartner van COC Nederland.

De bi+ gemeenschap is volgens Verlee niet alleen de grootste groep, maar ook de meest onzichtbare. Dat komt volgens haar door de ‘monoseksuele norm’.

“Dat is de verwachting dat je maar op één gender kan vallen. Als je een vrouw op straat hand in hand ziet lopen met een man, denken veel mensen automatisch dat zij hetero is. Maar ze kan natuurlijk óók op vrouwen vallen.”

Sara Verlee

Ook COC Nederland is niet verrast door het feit dat de regenbooggemeenschap in Nederland zo groot is. De organisatie vindt het belangrijk dat iedereen binnen de gemeenschap zichtbaar zichzelf kan zijn, en maakt zich zorgen over recente ontwikkelingen.

‘Discriminatie en geweld nemen toe. Mensen krijgen klappen of worden uitgescholden, regenboogvlaggen worden weggerukt en regenboogzebrapaden beklad,’ aldus een woordvoerder van COC Nederland.‘Een kleine groep lijkt maar niet te kunnen verkroppen dat lhbti+ mensen óók zichtbaar zijn. Die gaan op de sociale media tekeer en verspreiden onzinnige complottheorieën. Zulke woorden van haat leiden ook tot daden van haat.’

Volgens COC begint acceptatie in het gezin en op school.‘Daar moeten we kinderen leren dat je respectvol met elkaar omgaat, wie je ook bent, op wie je ook verliefd wordt en wat ook je achtergrond is.’

Verder wil de organisatie dat er hogere straffen komen op discriminerend geweld, en dat er meer politiecapaciteit komt om discriminatie aan te pakken.

Volgens het CBS onderzoek is ongeveer 1,8% van de mannen in Nederland homoseksueel en 0,7% van de vrouwen lesbisch. Ongeveer 1% van de Nederlanders is volgens CBS transgender.

Afhankelijk van de vraagstelling, geven diverse onderzoeken een verschillend beeld van de omvang van de regenbooggemeenschap. De meeste onderzoeken gaan uit van 5 tot 10 procent van de bevolking.